ECLI:NL:RBROT:2012:BY7442
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens vertrouwensbreuk na verdenking drugsgerelateerd strafbaar feit op werkterrein
De zaak betreft een verzoek tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst van een terminaloperator werkzaam bij een logistieke dienstverlener in de Rotterdamse haven. De werknemer werd verdacht van betrokkenheid bij drugssmokkel, gepleegd op het beveiligde terrein van de werkgever. Hoewel de werknemer onschuldig is totdat het tegendeel is bewezen, achtte de werkgever het vertrouwen in de werknemer definitief geschaad.
De werknemer werd aangehouden maar later vrijgelaten en ontkende betrokkenheid. Zij gaf een verklaring over haar aanwezigheid op het terrein, die de werkgever ongeloofwaardig achtte. De kantonrechter stelde dat de verdenking op zichzelf onvoldoende is voor ontbinding wegens dringende redenen, maar dat de vertrouwensbreuk en de bijzondere omstandigheden rondom de AEO-status van de werkgever en de locatie van het bedrijf een verandering van omstandigheden vormen die ontbinding rechtvaardigen.
De kantonrechter weegt het belang van de werkgever om te kunnen vertrouwen op haar personeel zwaarder dan het belang van de werknemer bij behoud van de arbeidsovereenkomst. De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden met ingang van 31 december 2012 zonder vergoeding, en partijen dragen hun eigen proceskosten.
Uitkomst: Arbeidsovereenkomst ontbonden per 31 december 2012 wegens vertrouwensbreuk zonder vergoeding.