ECLI:NL:RBROT:2012:BW8274
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bank mag schuld opeisen wegens niet-naleving voorwaarden finale kwijting
In deze civiele zaak staat centraal of Wijnkade c.s. een beroep kunnen doen op finale kwijting van hun schuld aan ABN AMRO. De bank had een krediet verstrekt met een maximale limiet van €5.750.000,00, maar de schuld was opgelopen tot circa €6.700.000,00. Na opzegging van de kredietovereenkomst werd een regeling getroffen waarbij een gedeeltelijke betaling van €4.000.000,00 onder voorwaarden finale kwijting zou verlenen.
De voorwaarden omvatten onder meer het verstrekken van een nacalculatie van het project City Campus Max en het juist informeren van ABN AMRO over de vermogenspositie, waaronder een verkoop van het belang in Sunergy Investco. Wijnkade c.s. voldeden niet aan de nacalculatievoorwaarde binnen de gestelde termijn, maar de rechtbank oordeelde dat deze termijn niet fataal was omdat de nacalculatie nog niet kon worden opgesteld.
Echter, de verkoop van het belang in Sunergy Investco aan Delta werd niet aan ABN AMRO gemeld, terwijl dit een wezenlijke wijziging van de vermogenspositie betrof. Dit was in strijd met de afspraken en de redelijkheid en billijkheid. ABN AMRO mocht zich hierdoor beroepen op het niet nakomen van de voorwaarden en de finale kwijting werd niet geacht tot stand te zijn gekomen. De vorderingen van ABN AMRO tot betaling van het restantbedrag werden toegewezen, terwijl de tegenvorderingen van Wijnkade c.s. werden afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt Wijnkade c.s. tot betaling van het restantbedrag wegens niet-naleving van voorwaarden finale kwijting.