ECLI:NL:RBROT:2011:BU4861
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Schending garantiebepalingen en hoofdelijke aansprakelijkheid in aandelenovername met achterstellingsakte
In november 2006 sloten partijen een Overeenkomst tot koop en verkoop van aandelen waarbij Arvano aandelen in Aveha Office Products B.V. (AOP) aan [gedaagde 1] verkocht. Een deel van de koopprijs werd omgezet in een geldlening van € 175.000 met een looptijd van vier jaar, mede ondertekend door [gedaagde 2]. Tevens werd een Achterstellingsakte opgesteld waarbij ING Bank het recht kreeg aflossing van de lening op te schorten zolang schulden aan ING niet voldaan waren.
De rechtbank moest beoordelen of Arvano garantiebepalingen had geschonden, of [gedaagde 2] zich hoofdelijk had verbonden naast [gedaagde 1], en of de Achterstellingsakte opeising van de lening blokkeerde. Arvano vorderde betaling van de lening plus rente, terwijl [gedaagde 1] en [gedaagde 2] stelden dat Arvano geen rechten aan de overeenkomst kon ontlenen en dat zij schade hadden geleden.
De rechtbank oordeelde dat het recht om te klagen over de garantiebepalingen was vervallen vanwege een vervaltermijn en dat de brief van november 2009 te laat was ingediend. Ook was geen sprake van bedrog of dwaling. Verder werd vastgesteld dat [gedaagde 2] als hoofdelijk medeschuldenaar geldt, ondanks dat hij niet apart de geldlening had ondertekend. De Achterstellingsakte gaf ING het recht aflossing te blokkeren, wat door Arvano was geaccepteerd.
De rechtbank veroordeelde [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hoofdelijk tot betaling van € 160.935,44 plus rente, waarbij betaling door [gedaagde 1] pas mocht plaatsvinden na schriftelijke toestemming van ING. De vorderingen van [gedaagde 1] en [gedaagde 2] werden afgewezen en zij werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt [gedaagde 1] en [gedaagde 2] hoofdelijk tot betaling van € 160.935,44 plus rente, met opschorting door Achterstellingsakte.