ECLI:NL:RBROT:2010:BN6301
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.I. van Strien
- M. Schoneveld
- M.K. Bulterman
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit kostenverdeling kabelverplaatsing Bovenkerk-Zuid wegens onjuiste wettelijke grondslag
De gemeente Amstelveen en meerdere aanbieders van openbare elektronische communicatienetwerken waren in geschil over wie de kosten diende te dragen voor de verplaatsing van kabels in het gebied Bovenkerk-Zuid. De gemeente had de aanbieders verzocht hun kabels te verleggen in verband met een nieuwbouwplan. Verweerder, het college van de Onafhankelijke Post- en Telecommunicatie Autoriteit (OPTA), had op grond van artikel 5.8, zevende lid, van de Telecommunicatiewet geoordeeld dat de gemeente de kosten draagt minus de kosten die de aanbieders zouden hebben gemaakt bij alternatieve maatregelen.
De rechtbank oordeelde dat het bestreden besluit berustte op een onjuiste wettelijke grondslag omdat verweerder het geschil beoordeelde op basis van de nieuwe Telecommunicatiewet (vanaf 1 februari 2007), terwijl het peilmoment van het verzoek tot verlegging lag op 4 mei 2005, toen de oude wet van toepassing was. De rechtbank vernietigde het besluit wegens strijd met de wet, maar liet de rechtsgevolgen in stand omdat materieel geen verschil bestond.
Inhoudelijk concludeerde de rechtbank dat het verleggen van de kabels niet volledig noodzakelijk was voor de door of vanwege de gemeente uitgevoerde werken, en dat alternatieve lokale maatregelen mogelijk waren. Het advies van deskundige Grontmij over de technische haalbaarheid van het kruisen van kabels met een WRK-leiding werd gevolgd, ondanks bezwaren van Waternet. De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten van €1.288,- en het betaalde griffierecht van €297,- aan de gemeente.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onjuiste wettelijke grondslag, maar de rechtsgevolgen blijven in stand en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.