ECLI:NL:RBROT:2010:BN0904
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C. Bouwman
- K.L. van Zetten
- B.J.M.P. Cremers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vorderingen wegens ontbreken onvoorwaardelijke overeenkomsten en goedkeuring Raad van Toezicht bij vastgoedprojecten
Nagron vorderde dat de rechtbank zou verklaren dat PWS wanprestatie had gepleegd door vier vastgoedprojecten niet na te komen en de onderhandelingen onrechtmatig te hebben afgebroken. Nagron stelde dat er onvoorwaardelijke overeenkomsten waren gesloten en dat de Raad van Toezicht goedkeuring had verleend.
De rechtbank oordeelde dat de brieven van PWS aan Bronsgeest geen onvoorwaardelijke aanbiedingen aan Nagron waren en dat er geen volledige overeenstemming over alle essentiële voorwaarden bestond. De stelling dat de Raad van Toezicht goedkeuring had gegeven werd onvoldoende onderbouwd en niet bewezen. Ook was er geen sprake van beletselen door PWS waardoor de voorwaarde van goedkeuring als vervuld kon worden beschouwd.
Verder was het PWS toegestaan de onderhandelingen te beëindigen nadat duidelijk werd dat de Raad van Toezicht geen goedkeuring zou verlenen, mede vanwege verdenkingen van fraude tegen de directeur van PWS. De rechtbank concludeerde dat Nagron onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat PWS onrechtmatig had gehandeld of niet te goeder trouw had onderhandeld.
Ten aanzien van de afzonderlijke projecten stelde de rechtbank vast dat voor elk project aanvullende goedkeuringen van partners of derden ontbraken, en dat de Raad van Toezicht terecht geen toestemming had gegeven. Nagron werd veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis werd uitgesproken op 28 april 2010 door de rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van Nagron af wegens het ontbreken van onvoorwaardelijke overeenkomsten en vereiste goedkeuringen.