ECLI:NL:RBROT:2009:BI2835
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen dwangbevel en schadevergoeding wegens onrechtmatige sloop badkamers en keukens
De zaak betreft een verzet tegen een dwangbevel en een vordering tot schadevergoeding wegens het onrechtmatig verwijderen van badkamers en keukens door de gemeente Rotterdam. [Opposante] en [persoon 1] zijn gezamenlijk eigenaar van een pand waarop de gemeente een aanschrijvingsbesluit nam wegens noodzakelijke voorzieningen. Na bezwaar en een niet-ontvankelijk verklaard verzoek om voorlopige voorziening, voerde de gemeente de werkzaamheden uit en bracht de kosten in rekening.
De rechtbank stelt vast dat het aanschrijvingsbesluit onherroepelijk is en formele rechtskracht heeft. De gemeente mocht de werkzaamheden uitvoeren en de kosten verhalen, inclusief een redelijke beheerskost van 15% en invorderingskosten, deels buiten effect gesteld. De stelling van opposante dat een schorsingsverzoek opschortende werking heeft, wordt verworpen omdat dit niet wettelijk is voorgeschreven.
Opposante vordert tevens schadevergoeding voor de sloop van drie badkamers, keukens en toiletten, welke volgens de gemeente slechts twee van elk betreft en waarvoor reeds compensatie is gegeven. De rechtbank acht opposante ontvankelijk in haar vordering, maar verwijst de zaak naar de rol om haar in de gelegenheid te stellen bewijs te leveren over de omvang van de schade. De rechtbank acht de reeds gegeven compensatie niet onredelijk en wijst de vordering tot opheffing van de beslagen af. Verdere beslissingen worden aangehouden.
Uitkomst: Het dwangbevel wordt grotendeels in stand gelaten, schadevergoeding wordt aangehouden voor bewijslevering, en de vordering tot opheffing van beslagen wordt afgewezen.