ECLI:NL:RBROT:2008:BG6788
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Asscheman-Versluis
- Benaissa
- Holthuis
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte wegens onvoldoende bewijs aanranding meisje in zwembad
Op 8 augustus 2008 werd verdachte beschuldigd van aanranding van een 11-jarig meisje in een zwembad te Spijkenisse. De tenlastelegging betrof het meermalen betasten van de vagina en billen van het meisje, alsmede het inbrengen van vingers in de vagina. De verdachte ontkende ontuchtige handelingen en verklaarde slechts het meisje één keer bij de billen te hebben vastgepakt om haar in het water te duwen, zonder seksuele intentie.
Tijdens de terechtzitting op 26 november 2008 werd het bewijs besproken, waaronder verklaringen van het slachtoffer aan politie en derden, en de bekentenis van de verdachte over het aanraken van de schaamstreek. De officier van justitie stelde dat de verdachte opzettelijk ontuchtige handelingen had verricht, mede omdat het meisje tweemaal was betast.
De verdediging betoogde dat slechts één korte, niet-ontuchtige aanraking had plaatsgevonden. De rechtbank vond de verklaringen van het meisje op sommige punten inconsistent en onvoldoende overtuigend om buiten redelijke twijfel vast te stellen dat de handelingen seksueel waren. Hoewel het aanraken van de schaamstreek mogelijk was, was dit niet bewezen als ontuchtig bedoeld. Daarom sprak de rechtbank de verdachte vrij van de tenlastelegging.
De rechtbank achtte het niet nodig om het verweer over de betrouwbaarheid van het slachtoffer en de procedurele richtlijnen te beoordelen. De uitspraak werd op 10 december 2008 uitgesproken door de meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat de handelingen seksueel ontuchtig waren.