ECLI:NL:RBROT:2008:BF7574
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbeidsovereenkomst en overgang van onderneming bij verkoop verzekeringsportefeuille
De werknemer trad in november 2000 in dienst bij DHB Bank en werd gedetacheerd bij DHB Hypotheken, een dochteronderneming. Toen DHB Hypotheken haar activiteiten staakte en per 1 augustus 2007 haar verzekeringsportefeuille verkocht aan Hut, stelde DHB Bank dat de arbeidsovereenkomst van de werknemer hierdoor was geëindigd wegens overgang van onderneming. De werknemer betwistte dit en stelde dat hij in dienst bleef van DHB Bank.
De rechtbank oordeelde dat de richtlijn overgang van onderneming alleen geldt voor werknemers die formeel in dienst zijn bij de onderneming die wordt overgedragen. Omdat de werknemer formeel bij DHB Bank in dienst was en niet bij DHB Hypotheken, was er geen overgang van onderneming van toepassing op zijn arbeidsovereenkomst. Het Botzen-arrest was niet van toepassing omdat het ging om zelfstandige juridische entiteiten.
De arbeidsovereenkomst met DHB Bank bleef daarom bestaan tot de ontbinding per 1 december 2007. De werknemer had recht op betaling van opgebouwde maar niet-genoten vakantiedagen tot die datum. DHB Bank werd veroordeeld tot betaling van het resterende vakantiegeld en proceskosten.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst met DHB Bank bleef bestaan tot ontbinding per 1 december 2007; werknemer heeft recht op vakantiegeld en DHB Bank wordt veroordeeld tot betaling en proceskosten.