ECLI:NL:RBROT:2008:BF2098
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W.H.G. Loyson
- P. Vrolijk
- J.A.F. Peters
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing bouwvergunning en vrijstelling onder artikel 19 lid 2 WRO
Eiseres, exploitante van een bloemenwinkel in de Stadhuispassage, maakte bezwaar tegen de bouwvergunning die onder vrijstelling van het bestemmingsplan was verleend voor de verbouwing en modernisering van de passage. Zij vreesde ernstige inbreuk op haar uitstallingsvergunning en stelde dat het bouwplan niet voldeed aan de vereiste ruimtelijke onderbouwing en dat haar belangen onvoldoende waren meegewogen.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de belangen zorgvuldig heeft afgewogen en dat het algemene belang van modernisering van de Stadhuispassage zwaarder weegt dan het belang van eiseres. Verweerder had de gevel van de bloemenwinkel intact gelaten en de nieuwe gevels ter plaatse laten inspringen, zodat de uitstallingsvergunning feitelijk ongeschonden blijft.
De rechtbank stelde vast dat de ruimtelijke onderbouwing voldoet aan de criteria van artikel 19, tweede lid, WRO en dat de randvoorwaarden, waaronder luchtkwaliteit en verkeersintensiteit, adequaat zijn onderzocht. De stellingen van eiseres over het ontbreken van een toekomstig planologisch beleid en het niet voldoen aan randvoorwaarden werden niet gevolgd.
Ten aanzien van de vermeende schade stelde de rechtbank vast dat eiseres deze niet had onderbouwd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: Het beroep tegen de bouwvergunning met vrijstelling wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.