ECLI:NL:RBROT:2007:BB0439
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- E.F.C. Francken
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verkorte wachttijd WIA-uitkering wegens niet uitgesloten herstel
Eiseres heeft een verkorte wachttijd voor een WIA-uitkering aangevraagd, welke door verweerder is afgewezen omdat herstel van haar arbeidsongeschiktheid niet was uitgesloten. Na bezwaar en beroep bevestigde de rechtbank deze beslissing.
Medische onderzoeken door verzekeringsartsen en een arbeidsdeskundige concludeerden dat eiseres niet in staat was haar eigen werk te verrichten en een geringe kans op herstel had, maar dat herstel niet geheel kon worden uitgesloten. De rechtbank oordeelde dat de wettelijke definitie van 'duurzaam arbeidsongeschikt' strikt medisch moet worden geïnterpreteerd en dat een geringe kans op herstel niet volstaat voor verkorting van de wachttijd.
De rechtbank baseerde zich op artikel 23, zesde lid, van de WIA en de daarbij behorende memorie van toelichting, waarin is bepaald dat alleen bij een medisch stabiele of verslechterende situatie, waarbij herstel is uitgesloten, recht bestaat op verkorting van de wachttijd. De beroepsprocedure werd ongegrond verklaard en de beslissing van verweerder bevestigd.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de verkorte wachttijd WIA-uitkering bevestigd.