ECLI:NL:RBROT:2005:AS5815
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- mr. Kalk
- mrs. Bezuijen
- De Ruijter
- Rechtspraak.nl
Geen strafoplegging ondanks bewezen omkoping ambtenaar Rijkswaterstaat door feitelijk leidinggevende
De rechtbank Rotterdam behandelde een zaak waarin verdachte, technisch directeur van een bouwbedrijf, samen met anderen een ambtenaar van Rijkswaterstaat had gefêteerd om bevoordeling bij aanbestedingen te verkrijgen. Verdachte had uit eigen beweging frauduleuze gegevens aan het Openbaar Ministerie verstrekt, waarna een strafrechtelijk onderzoek startte.
De verdediging voerde onder meer aan dat het Openbaar Ministerie niet-ontvankelijk moest worden verklaard wegens schending van beginselen van een behoorlijke procesorde, misbruik van positie als klokkenluider en onzorgvuldige belangenafweging. De rechtbank verwierp deze verweren, oordeelde dat verdachte vanaf een bepaald moment als verdachte was aangemerkt en dat het achterwege laten van cautie een ongelukkige miscalculatie was, maar geen reden voor niet-ontvankelijkheid.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte feitelijk leiding gaf aan het omkopen van een ambtenaar, met giften gedaan met het oogmerk om de ambtenaar in strijd met zijn plicht te laten handelen. De verdediging dat het om dienstreizen ging werd verworpen. De strafbaarheid van het feit en van verdachte werd bevestigd.
Gezien de ernst van het feit en de maatschappelijke impact, zou normaal gesproken een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend zijn. Echter, de rechtbank hield rekening met het feit dat verdachte als klokkenluider belangrijke informatie had verstrekt, de persoonlijke gevolgen daarvan, zijn eerdere onbesproken gedrag en het tijdsverloop. Daarom werd besloten geen straf of maatregel op te leggen.
Uitkomst: Verdachte is strafbaar bevonden voor omkoping maar er is geen straf of maatregel opgelegd.