ECLI:NL:RBROE:2012:BY8123
Rechtbank Roermond
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.A.G. van Baal
- L.J.A. Crompvoets
- W.A.H.J. Poppeliers
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs medeplichtigheid aan onjuiste belastingaangiften door beleggingsbedrijf
De rechtbank Roermond behandelde een strafzaak tegen verdachte, directeur van een beleggingsbedrijf, die werd verdacht van medeplegen en medeplichtigheid aan het doen van onjuiste inkomsten- en vermogensbelastingaangiften door cliënten via coderekeningen en buitenlandse bankrekeningen.
De officier van justitie stelde dat verdachte als feitelijk leidinggevende medepleger was, omdat hij faciliteiten bood om vermogen buiten het zicht van de fiscus te houden. De verdediging voerde aan dat verdachte geen wetenschap had van onjuiste aangiften en dat de aangeboden faciliteiten ook aan de meerderheid van cliënten werden verstrekt die correct aangaven.
De rechtbank overwoog dat het bewijs onvoldoende was om medeplegen of medeplichtigheid wettig en overtuigend vast te stellen. Er was geen bewijs dat verdachte wist van het voornemen van cliënten om vermogen buiten de fiscus te houden, noch dat hij actief heeft bijgedragen aan valse aangiften. De aanwezigheid van coderekeningen en buitenlandse rekeningen was niet per definitie frauduleus en kon ook andere motieven hebben.
De rechtbank verwierp ook bezwaren tegen de dagvaarding en ontvankelijkheid, en oordeelde dat de overschrijding van de redelijke termijn niet leidde tot niet-ontvankelijkheid. Uiteindelijk sprak de rechtbank verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten wegens gebrek aan bewijs.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs van medeplichtigheid aan onjuiste belastingaangiften.