ECLI:NL:RBROE:2001:AD8982
Rechtbank Roermond
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Geen beletsel voor opleggen nieuwe dwangsom bij voortzetting overtreding bestemmingsplan
Verzoekster exploiteert een brandstoffenhandel op een perceel met de bestemming Bedrijven, waar verkoop van brandstof aan het wegverkeer niet is toegestaan volgens het bestemmingsplan. Verweerder legde op 12 december 2000 een last onder dwangsom op om de verkoop te staken, met een dwangsom van fl 500,- per week tot een maximum van fl 3.000,-. Ondanks deze maatregel zette verzoekster de verkoop voort en het maximum aan dwangsommen werd bereikt.
Daarop legde verweerder bij besluit van 25 juni 2001 een nieuwe last op met een hogere dwangsom van fl 10.000,- per week tot een maximum van fl 100.000,-. Verzoekster maakte bezwaar en stelde onder meer dat het opleggen van een nieuwe dwangsom zonder intrekking van de eerdere niet was toegestaan. De rechtbank oordeelde dat het eerdere dwangsombesluit nog van kracht was, maar dat het maximum aan dwangsommen was verbeurd, zodat verweerder bevoegd was een nieuwe en hogere dwangsom op te leggen zonder het eerdere besluit in te trekken.
De rechtbank verwierp ook de stelling dat het opleggen van de nieuwe dwangsom onbehoorlijk bestuur zou zijn en dat de hoogte van de dwangsom buiten proporties was. Gezien het voortduren van de overtreding en de noodzaak om handhavend op te treden, was de nieuwe dwangsom redelijk en proportioneel. Het verzoek om een voorlopige voorziening werd afgewezen en het beroep werd deels niet-ontvankelijk verklaard en deels ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van verzoekster is deels niet-ontvankelijk en deels ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening is afgewezen.