Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
[eiser] B.V.,
1.De procedure
- de conclusie van antwoord, ingediend op 11 februari 2026, met 11 producties;
- de mondelinge behandeling van 17 februari 2026, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt;
- de pleitnota van [eiser], voorgedragen door mr. Bitter tijdens de mondelinge behandeling;
- de pleitnota van [gedaagde], voorgedragen door mr. Gerrits tijdens de mondelinge behandeling;
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
meernodig, maar dat is door [eiser] niet gesteld.
- i) het feit dat de aandelen in [eiser] (deels) in handen zijn gekomen van de onderneming Wijnhandel [bedrijf] B.V. (hierna: ‘[bedrijf]’); en
- ii) het feit dat de heer [naam] (hierna: ‘[naam]’), die via zijn vennootschap enig eigenaar was van [eiser], [gedaagde] niet voorafgaand aan deze aandelenoverdracht daarover heeft geïnformeerd