Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.Het onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
primairhet opmaken van valselijke facturen, met het doel om deze geschriften als echt en onvervalst (door anderen) te (laten) gebruiken
subsidiairdeze facturen opzettelijk voorhanden hebben;
3.Het afdoeningsvoorstel
- het Openbaar Ministerie zal rekwireren tot een bewezenverklaring van de onder 1 en 2 ten laste gelegde feiten;
- het Openbaar Ministerie zal oplegging vorderen van de navolgende straf:
taakstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;
voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden, met een proeftijd van twee jaren;
geldboete ter hoogte van € 35.000,00,te vervangen door 210 dagen hechtenis;
- de verdediging geen bewijs-, ontvankelijkheids- of strafmaatverweren voert;
- de verdediging geen onderzoekswensen indient;
- de verdachte geen (nadere) verklaring hoeft af te leggen;
- de verdachte zich niet aan de tenuitvoerlegging van de straf zal onttrekken;
- de verdediging en het Openbaar Ministerie geen hoger beroep instellen indien de
- het Openbaar Ministerie
4.Het bewijs
hij in de periode van 1 januari 2014 tot en met 1 februari 2023 in Nederland tezamen en in vereniging met anderen meermalen geschriften, te weten meerdere facturen van eenmanszaak [eenmanszaak] gericht aan [bedrijf 1] B.V. en/of [bedrijf 2] en/of [bedrijf 3] en/of [bedrijf 4] B.V. en/of [bedrijf 6] en/of [bedrijf 7] B.V. en/of [bedrijf 8] , die (telkens) bestemd waren om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt door valselijk en in strijd met de waarheid op de facturen fictief verrichte werkzaamheden en/of fictieve data en/of fictieve kosten en/of onjuiste gegevens te vermelden, met het oogmerk om deze geschriften als echt en onvervalst door anderen te doen gebruiken;
hij in de periode van 1 januari 2014 tot en met 1 februari 2023 in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, meermalen van voorwerpen, te weten geldbedragen tot een totaal van € 365.635,43, en wel:
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 236.585,25 ( [bedrijf 1] B.V.), en/of
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 31.227,50 ( [bedrijf 2] ), en/of
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 15.565,00 ( [bedrijf 3] ), en/of
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 65.132,71 ( [bedrijf 4] B.V.), en/of
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 3.083,22 ( [bedrijf 6] ), en/of
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 4.047,45 ( [bedrijf 7] B.V.),
- één of meerdere geldbedrag(en) tot een totaalbedrag van € 9.994,30 ( [bedrijf 8] ),
- de werkelijke aard en herkomst heeft verhuld
en hij, verdachte, zich schuldig heeft gemaakt aan witwassen in de uitoefening van zijn beroep en bedrijf;
5.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd;
medeplegen van een gewoonte maken van het plegen van witwassen
6.De strafbaarheid van verdachte
7.De op te leggen straf of maatregel
- een taakstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis;
- een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden, met een proeftijd van twee jaren;
- een geldboete ter hoogte van € 35.000,00, te vervangen door 210 dagen hechtenis.
- een taakstraf voor de duur van 240 (tweehonderdveertig) uren, te vervangen door 120 (honderdtwintig) dagen hechtenis, met aftrek van de reeds ondergane tijd in voorarrest,
- een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 6 (zes) maanden, met een proeftijd van twee jaren en
- een geldboete ter hoogte van € 35.000,00, te vervangen door 210 dagen hechtenis.
8.De toegepaste wettelijke voorschriften
9.De beslissing
medeplegen van valsheid in geschrift, meermalen gepleegd;
medeplegen van een gewoonte maken van het plegen van witwassen
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (zes) maanden;
in zijn geheel niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten. De rechter kan de tenuitvoerlegging gelasten indien verdachte zich voor het einde van de
proeftijd van 2 (twee) jarenschuldig maakt aan een strafbaar feit;
taakstraf, bestaande uit het verrichten van onbetaalde arbeid voor de duur van
240 (tweehonderdveertig) uren;
vervangende hechteniszal worden toegepast voor de duur van
120 (honderd) dagen
een geldboete van € 35.000,00 (zegge: vijfendertig duizend euro);
210 (tweehonderdtien) dagen.