Uitspraak
1.[eiser 1],
2.
[eiser 2],
te Enschede,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Kleinbouw,
gemachtigde: mr. R.S. Levenga en mr. R.J. de Boer.
1.De procedure
- de conclusie van antwoord met productie 20,
- het tussenvonnis van 13 mei 2025,
- de dagvaarding met productie 1 tot en met 3,
- de conclusie van antwoord,
- de akte overlegging producties van 8 januari 2026 van de zijde van LAB21 met producties 4 en 5.
2.De hoofdzaak en vrijwaring in het kort[eisers] heeft een PVC-vloer bij LAB21 gekocht. Daarbij hebben [eisers] en LAB21 afgesproken dat LAB21 de onderliggende betonvloer egaliseert en primeert en dePVC-vloer legt. Nadat LAB21 de PVC-vloer op de benedenverdieping in de woning van [eisers] had gelegd, is de vloer bobbels gaan vertonen en losgekomen van de ondervloer.
LAB21 voert verweer. Zij stelt dat de schade is te wijten aan ondeugdelijke werkzaamheden van Kleinbouw, de aannemer van [eisers]. In de vrijwaring vordert LAB21 dat Kleinbouw wordt veroordeeld in de schadevergoeding die zij mogelijk aan [eisers] moet betalen.
De kantonrechter is van oordeel dat LAB21 is tekortgeschoten in de nakoming van zijn verplichtingen tegenover [eisers] en dat LAB21 onvoldoende heeft onderbouwd dat de werkzaamheden van Kleinbouw ondeugdelijk zijn geweest. In de hoofdzaak wordt LAB21 veroordeeld om een schadevergoeding van € 11.520,51 aan [eisers] te betalen. In de vrijwaring wordt de vordering van LAB21 afgewezen.
3.De feiten in de hoofdzaak en de vrijwaring
“
Op de begane grond ligt een bestaande zandcement dekvloer welke als gevolg van een aanbouw niet meer geventileerd is en derhalve niet meer blijvend droog.In de ondergrond zijn vooraf sleuven t.b.v. vloerverwarming ingefreesd. Deze sleuven zijn door de aannemer dichtgezet met een gewone zandcementmortel, hetgeen technisch niet mogelijk is. Dit verzandt en verbrandt en heeft onvoldoende sterkte.De stoffeerder heeft de ondergrond 2 -3 x geëgaliseerd met UZIN NC 110.Vooraf en tussendoor is er niet of onvoldoende voorgestreken.Tevens is er met egaliseren te veel water gebruikt.De tempratuur van de vloerverwarming staat veel te hoog ingesteld op 45ºC. Dit is ook vanaf het begin zo geweest en ook tijdens het egaliseren en verlijmen. Maximale temperatuur aan de top van de dekvloer is 28 ºC.Gevolg is een zachte, niet goed hechtende egalisatie en slechte eindhechting van de PVC stroken.Daarnaast is er ook niet vlak en strak geëgaliseerd.(…).”
3.6. Bij brief van 5 juni 2024 heeft UZIN, op verzoek van LAB21, haar bevindingen nader toegelicht. In de brief is onder andere vermeld:
“
Na overleg tussen de bewoners, Lab21 en de jurist is bepaald dat de gehele schuld ligt bij Lab21 en dat zij de vloer opnieuw moeten gaan installeren, geheel op kosten van Lab21.Deze stelling is echter wel heel kort door de bocht.Zeker heeft de stoffeerder van Lab21 de nodigde fouten gemaakt, echter zijn er voordien door de aannemer ook de nodige fouten gemaakt. De aannemer is hierdoor mede verantwoordelijk voor het probleem en oplossing.Daarnaast is het probleem niet opgelost met alleen opnieuw egaliseren en verlijmen van nieuwe PVC stroken.
4.Het geschil
I. voor recht zal verklaren dat LAB21 is tekortgeschoten in de nakoming van haar
verplichtingen voortvloeiende uit de overeenkomst met [eisers];
II. LAB21 zal veroordelen tot betaling van € 10.022,31 als vervangende
schadevergoeding, althans een in goede justitie te bepalen bedrag, te vermeerderen met
wettelijke rente vanaf 23 april 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
III. LAB21 zal veroordelen tot betaling van € 1.960,- voor de door [eisers] te maken
kosten van opslag van haar inboedel wanneer de herstelwerkzaamheden worden
uitgevoerd, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 23 april 2024 tot aan de dag der
algehele voldoening;
IV. LAB21 zal veroordelen tot betaling van € 2.420,- voor de door [eisers] te maken
kosten voor het verwijderen en opnieuw plaatsen van de gehele keuken wanneer de
herstelwerkzaamheden worden uitgevoerd, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf
23 april 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
V. LAB21 zal veroordelen tot betaling van € 995,- voor de door [eisers] te maken kosten
voor verblijf elders tijdens de uitvoering van de werkzaamheden, te vermeerderen met
wettelijke rente vanaf 23 april 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
VI. LAB21 zal veroordelen tot vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten van
€ 928,97;
VII. LAB21 zal veroordelen in de proces- en nakosten.
Primair:
1. voor recht zal verklaren dat Kleinbouw gehouden is LAB21 volledig te vrijwaren voor
al hetgeen LAB21 in de hoofdzaak mocht worden veroordeeld te voldoen aan [eisers];
2. Kleinbouw zal veroordelen in de proces- en nakosten, te vermeerderen met wettelijke
rente;
Subsidiair:
3. Kleinbouw zal veroordelen tot betaling aan LAB21 van een naar redelijkheid en
billijkheid vast te stellen evenredig deel van de schade waarvoor LAB21 in de
hoofdzaak in verhouding tot haar aandeel in de gebreken wordt veroordeeld, zulks op te
maken bij Staat en te vereffenen volgens de wet;
En voorts:
4. zal bepalen dat het vonnis in de vrijwaring gelijktijdig met het vonnis in de hoofdzaak
zal worden gewezen.
5.De beoordeling in de hoofdzaak
LAB21 is tekortgeschoten in de nakoming van de overeenkomst tussen partijen5.2. Tussen partijen is niet in geschil dat de PVC-vloer bobbels vertoont en loskomt van de ondervloer en dat de PVC-vloer daarmee gebrekkig is. De vraag ligt voor welke partij voor de schade die het gevolg is van deze gebreken aansprakelijk is.
Op grond van artikel 7:754 BW Pro is de aannemer bij het uitvoeren van de overeenkomst verplicht de opdrachtgever te waarschuwen voor onjuistheden in de opdracht voor zover zij deze kende of redelijkerwijs behoorde te kennen.
“
(…) Daarmee miskent LAB21 dat zij dan wel haar onderaannemer [bedrijf 4] als professionele stoffeerder een eigen verantwoordelijkheid heeft en in dat kader op z’n minst navraag dient te (laten) doen naar de dekvloer, bijvoorbeeld bij de bouwer [bedrijf 1]. (…).” (rechtbank Rotterdam 21 mei 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:4428 onder 4.4).
Nu LAB21 desondanks geen navraag bij Kleinbouw heeft gedaan, heeft zij haar waarschuwingsplicht geschonden en kan zij geen geslaagd beroep doen op artikel
16 algemene voorwaarden.
De omvang van de schadevergoeding is € 11.520,515.14. [eisers] heeft aanspraak gemaakt op een schadevergoeding van:
- € 10.022,31 voor herstelwerkzaamheden aan de vloer;
- € 1.960,- voor de opslag van haar inboedel;
- € 2.420,- voor het verwijderen en opnieuw plaatsen van de keuken;
- € 995,- voor een alternatieve verblijfplaats tijdens de herstelwerkzaamheden.
LAB21 heeft betwist dat [eisers] recht heeft op deze bedragen.
De schadepost: herstelwerkzaamheden aan de vloer5.16. [eisers] heeft ter onderbouwing van de herstelwerkzaamheden aan de vloer offertes van 12 november 2024 van [naam] en 29 november 2024 van Warme Voetjes in het geding gebracht. LAB21 heeft ter betwisting aangevoerd dat werkzaamheden op de offertes buiten de opdracht van LAB21 vallen en gewezen op oppervlakteverschillen in de offertes ten opzichte van de opdracht van LAB21.
Sleuven dichten (incl. materiaal)’ van € 907,50 en ‘
Vloerverwarmingsinstallatie zoals beschreven’ van € 1.500,-, omdat niet gebleken is dat de ondervloer en de vloerverwarming gebrekkig zijn. Ook de post ‘
Verwijderen egaline, tegellijm en vloerverwarming’ van € 726,- is niet toewijsbaar, aangezien zonder nadere toelichting – die ontbreekt – het grootste deel van deze post voor de door Kleinbouw aangelegde vloerverwarming lijkt te zijn en de vloerverwarming niet gebrekkig is.
Omgerekend naar 65 m² heeft [eisers] recht op in totaal € 6.145,51 te weten:
- € 983,45 Egaliseren incl. materiaal (65 m² x € 15,13);
- € 943,80 Pvc visgraat leggen (65 m² x € 14,52);
- € 2.275,00 Pvc vloer Sensation (65 m² x € 35,-);
- € 769,56 Plinten plaatsten incl plint;
- € 302,50 Huur van pvc stripper;
- € 629,20 Slopen pvc vloer en plinten (65 m² x € 9,68);
- € 242,00 Stort kosten
€ 11.520,51 (€ 6.145,51 + € 1.960,- + € 2.420,- + € 995,-) aan [eisers] moet betalen. De gevorderde rente over deze hoofdsom kan slechts worden toegewezen met ingang van
19 februari 2025, de datum van dagvaarding. Er is namelijk niet toegelicht waarom de rente met ingang van de aansprakelijkstelling verschuldigd is.
5.21. Er zijn namens [eisers] incassohandelingen verricht. Op grond van artikel 6:96 BW Pro in combinatie met het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten heeft [eisers] voor het verrichten van deze handelingen recht op € 890,21 aan buitengerechtelijke incassokosten.
6.De beoordeling in de vrijwaring
144,00(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)