ECLI:NL:RBOVE:2024:3929
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herhaalde laattijdige aanvraag Wajong-uitkering wegens onvoldoende nieuwe feiten
Eiseres heeft meerdere malen een aanvraag ingediend voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering op grond van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong), waarbij eerdere aanvragen en bezwaren zijn afgewezen. De laatste aanvraag, ingediend in november 2022, werd eveneens afgewezen door het UWV omdat de nieuw aangevoerde medische feiten, waaronder een licht verstandelijke beperking en een mogelijke borderline persoonlijkheidsstoornis, onvoldoende aanleiding geven om eerdere besluiten te herzien.
De rechtbank heeft tijdens de zitting op 2 juli 2024 vastgesteld dat eiseres enerzijds terug wil komen op eerdere afwijzingen en anderzijds aanspraak wil maken op een toekomstige uitkering. De beoordeling van de aanvraag moet daarom zowel zien op het verleden (de situatie rond haar 18e verjaardag) als op de toekomst. De verzekeringsartsen hebben geconcludeerd dat de nieuw aangevoerde feiten niet leiden tot een andere beoordeling van de arbeidsongeschiktheid rond het 18e levensjaar.
De rechtbank volgt deze motivering en oordeelt dat de medische informatie onvoldoende is om het eerdere besluit te herzien. De laattijdigheid van de aanvraag en het ontbreken van relevante medische gegevens over de beoordelingsperiode zijn hierbij van belang. Het beroep wordt ongegrond verklaard, en eiseres krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar Wajong-aanvraag wordt ongegrond verklaard.