ECLI:NL:RBOVE:2024:3557
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen herziening en terugvordering AOW-pensioen na huwelijk in het buitenland
Eiser ontvangt sinds september 2016 AOW-pensioen en meldde zijn huwelijk in Thailand in december 2020. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) herzag daarop zijn pensioen met ingang van december 2020, gebaseerd op een huwelijksregistratie in de Basisregistratie Personen (BRP) van 9 november 2020, en vorderde €1.279,19 terug wegens te veel ontvangen pensioen.
Eiser betwistte de datum waarop het huwelijk officieel werd bekrachtigd en stelde dat de verlaging pas per januari 2021 had moeten ingaan, met een lagere terugvordering tot gevolg. Hij verwees naar een stempel van de Royal Thai Police in zijn paspoort als bewijs van de latere datum.
De rechtbank oordeelde dat de Svb terecht uitgaat van de in de BRP geregistreerde datum van huwelijkssluiting, omdat dit een authentiek gegeven is volgens de Wet basisregistratie personen. Eiser had de mogelijkheid om de BRP-gegevens te laten corrigeren, maar heeft dit niet gedaan. De stempel in het paspoort zegt volgens de rechtbank niets over de formele huwelijksdatum.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees terugvordering en aanpassing van het pensioen per december 2020 toe. Er werden geen bijzondere omstandigheden gevonden om van terugvordering af te zien. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding en het griffierecht werd niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep tegen de herziening van het AOW-pensioen en de terugvordering van €1.279,19 wordt ongegrond verklaard.