Uitspraak
RECHTBANK Overijssel
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
3.
[gedaagde 3],
1.Samenvatting
2.De procedure
- de conclusie van antwoord,
Rechtbank Overijssel
Eiser heeft geld ingelegd bij een Russisch bedrijf dat later als piramidespel werd aangemerkt en is hierdoor zijn inleg van €44.158,50 kwijtgeraakt. Hij stelt dat gedaagden, waaronder vrienden en familieleden, als agenten van het bedrijf hebben gehandeld door hem over te halen en te helpen met de investeringen. Gedaagden betwisten dit en geven aan zelf ook hun inleg te zijn verloren en niet te hebben geweten dat het om een piramidespel ging.
De rechtbank beoordeelt of gedaagden kunnen worden beschouwd als handelaren die ten behoeve van het bedrijf handelden, zoals vereist voor aansprakelijkheid op grond van oneerlijke handelspraktijken. Hoewel gedaagden handelingen hebben verricht zoals het aanmaken van een account en het overmaken van geld, is vastgesteld dat zij niet in een professionele of structurele rol binnen het piramidespel stonden en niet wisten van de illegale aard ervan.
De rechtbank concludeert dat er geen sprake is van handelen ten behoeve van het bedrijf in de zin van artikel 6:193a BW en dat er geen andere grond is voor aansprakelijkheid. De vordering tot schadevergoeding wordt daarom afgewezen. Eiser wordt veroordeeld in de proceskosten van €3.931,00 plus rente en bijkomende kosten.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van eiser af omdat gedaagden niet als agenten van het piramidespel konden worden aangemerkt en geen andere aansprakelijkheidsgrond is vastgesteld.