ECLI:NL:RBOVE:2024:2939
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vermogen bij AIO-aanvraag en letselschadevergoeding
Eiser vroeg samen met zijn echtgenote een Aanvullende Inkomensvoorziening Ouderen (AIO) aan, maar de SVB wees de aanvraag af vanwege een vermogen dat boven de vrijstellingsgrens lag. Eiser stelde dat het vermogen voornamelijk bestond uit een letselschadevergoeding die bedoeld was als inkomensaanvulling en dat de immateriële schadevergoeding buiten beschouwing moest blijven.
De rechtbank stelde vast dat het bedrag van de letselschadevergoeding dat was toegekend voor inkomensverlies tot de pensioengerechtigde leeftijd terecht werd meegeteld bij de vermogensvaststelling. Dit omdat het bedrag bedoeld was als compensatie voor gemist inkomen tot 65 jaar en eiser dit bedrag ruim tien jaar voor zijn 65e had ontvangen, waardoor het redelijk was dit mee te nemen.
De rechtbank oordeelde echter dat de SVB het deel van de immateriële schadevergoeding onterecht deels had meegerekend, terwijl volgens de beleidsregels en vaste jurisprudentie dit bedrag volledig buiten aanmerking had moeten blijven. Omdat dit motiveringsgebrek niet tot nadeel van eiser leidde (het vermogen bleef te hoog), werd het beroep ongegrond verklaard.
De SVB werd wel verplicht het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden. Eiser kon opnieuw een aanvraag indienen zodra het vermogen onder de vrijstellingsgrens zou dalen.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de afwijzing van de AIO-aanvulling wordt ongegrond verklaard, waarbij de SVB het griffierecht moet vergoeden.