De Woningstichting St. Joseph vordert betaling van huurachterstand en ontruiming van de woning van gedaagde. Tijdens de procedure is een tussenvonnis gewezen en heeft de Woningstichting het huurreglement 2011 overgelegd. Gedaagde reageerde niet op de stukken.
De kantonrechter oordeelt dat het huurprijswijzigingsbeding en het beding over wettelijke rente niet oneerlijk zijn, maar verklaart het beding over buitengerechtelijke incassokosten oneerlijk en wijst die vordering af. De huurachterstand bedroeg bij dagvaarding €1.858,57, deels ingelopen door een gift, maar nog niet volledig betaald.
Partijen hebben tijdens de mondelinge behandeling betalingsafspraken gemaakt, die de kantonrechter meeneemt in zijn beslissing. Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het resterende bedrag van €435,49 plus wettelijke rente, en bij niet-naleving binnen twee jaar volgt ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming binnen twee weken.
De proceskosten van €813,86 worden aan gedaagde opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.