In de strafzaak Elrits bij de rechtbank Overijssel is op 28 februari 2022 een pro forma zitting gehouden waarin de stand van zaken rondom procesafspraken werd besproken. Hoewel er gesprekken waren gevoerd met meerdere verdachten en hun advocaten over het maken van procesafspraken naar Rotterdams model, concludeert de rechtbank dat hiervoor geen wettelijke basis bestaat en dat er zwaarwegende argumenten nodig zijn om zich door dergelijke afspraken te laten leiden.
De rechtbank constateert dat in een groot aantal zaken binnen het onderzoek Elrits geen overeenstemming over procesafspraken is bereikt, wat leidt tot een splitsing van het onderzoek en inzet van nieuwe rechters. Dit zou niet tot vereenvoudiging maar tot extra complicaties leiden, terwijl de beoogde tijdswinst beperkt is tot enkele zittingsdagen.
Verder is besproken dat zes verdachten ook in een Belgisch onderzoek betrokken zijn en dat drie van hen de voorkeur geven aan overname van de vervolging door Nederland. De rechtbank staat open voor deze procedure mits de extra werklast wordt geaccepteerd.
De rechtbank besluit het onderzoek te schorsen tot de pro forma zitting van 23 mei 2022 en het dossier in handen te stellen van de rechter-commissaris. De strafzaken worden op reguliere wijze voortgezet zonder procesafspraken, waarbij de rechtbank de regie behoudt over het verdere verloop.