Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
mr. R. Klein, curator in het faillissement van [bedrijf] B.V.
Rechtbank Overijssel
Verzoeker, voormalig bestuurder van een failliete B.V., diende een wrakingsverzoek in tegen mr. A.E. Zweers, rechter-commissaris in het faillissement. Verzoeker stelde dat de rechter-commissaris partijdig zou zijn vanwege het toestaan van conservatoir beslag op zijn woning en het niet reageren op e-mails.
De rechter-commissaris verweerde zich door te stellen dat zijn rol beperkt is tot toezicht en dat de rechtbank uiteindelijk beslist over bestuurdersaansprakelijkheid en beslagrechtmatigheid. Tevens wees hij erop dat de curator uitstel had gekregen voor voortgangsverslagen en dat e-mails in het kader van hoor en wederhoor waren doorgezet.
De wrakingskamer oordeelde dat het wrakingsverzoek niet slaagt omdat het enkele feit dat de rechter-commissaris beslissingen nam die in het nadeel van verzoeker waren, geen aanwijzing voor partijdigheid vormt. Ook het niet beantwoorden van alle e-mails wekt geen schijn van partijdigheid. Het verzoek werd daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris is ongegrond verklaard wegens ontbreken van objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid.