Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
DGB’,
[gedaagde]’,
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Overijssel
DGB Energie B.V. sloot op 26 mei 2020 telefonisch een leveringsovereenkomst voor gas en elektriciteit met de gedaagde, die toen een contract had met Eneco. Tijdens het gesprek werd een standaard belscript gevolgd en werd de gedaagde geïnformeerd over het aanbod, inclusief het recht op annulering binnen 14 dagen. De gedaagde accordeerde het aanbod zonder de e-mail met het contract te lezen.
De gedaagde stelde dat sprake was van een misverstand en dat zij dacht met Eneco te spreken, waardoor zij een beroep deed op dwaling. De rechtbank oordeelde dat dit beroep niet slaagt omdat de gedaagde onvoldoende aannemelijk maakte dat er sprake was van een onjuiste voorstelling van zaken die door DGB was veroorzaakt, en dat zij de contractbevestiging ontving zonder actie te ondernemen.
Verder stelde de gedaagde dat zij geen levering van DGB had ontvangen, maar alleen van Eneco. De rechtbank vond dat deze stelling onvoldoende was onderbouwd, mede omdat het energieverbruik via de netbeheerder was gevalideerd. De overeenkomst werd daarom als geldig beschouwd en de gedaagde werd veroordeeld tot betaling van €620,66, verminderd met onterecht in rekening gebrachte aanmaningskosten, plus wettelijke rente en proceskosten.
De rechtbank benadrukte dat DGB aan haar informatieverplichtingen had voldaan conform de wettelijke eisen voor consumentenkoop en koop op afstand. Het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde werd afgewezen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €620,66 plus wettelijke rente en proceskosten wegens een rechtsgeldige leveringsovereenkomst.