Uitspraak
[veehouder], te [adres] (de veehouder),
10 juni 1994 was voor het beweiden in Nederland geen individuele toestemming vereist. Daarom moet worden beoordeeld of het beweiden op die datum was toegestaan op grond van algemene regels. De rechtbank is in dat geval met verweerder van oordeel dat dergelijke algemene regels kunnen worden ontleend aan de planologische regeling die gold op de referentiedatum.
plaatsvondop de referentiedatum. Verweerder heeft weliswaar ter zitting gesteld dat het vee op de referentiedatum ook al werd beweid, maar heeft dit standpunt niet onderbouwd. De rechtbank wijst er op dat dit standpunt niet in overeenstemming lijkt te zijn met de weergave van de milieu-vergunde situatie op de referentiedatum in het bestreden besluit. In tabel 3 van het bestreden besluit staan bij de melkkoeien namelijk Rav-code A 1.100 en emissiefactor 13 kg NH₃ per jaar. Deze Rav-code en emissiefactor hebben betrekking op melkkoeien die permanent worden opgestald.
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het bestreden besluit;
- draagt verweerder op om een nieuw besluit te nemen op de aanvraag van de veehouder voor een natuurvergunning, met inachtneming van deze uitspraak;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 354,00 aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 1.518,00.