Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam 2]te [woonplaats] , eisers,
Stichting IJssellandschap, te Olst,
Rechtbank Overijssel
De rechtbank Overijssel behandelde het beroep van eisers tegen een omgevingsvergunning verleend aan Stichting IJssellandschap voor het realiseren van een zonneweide op een perceel te Olst. Eisers hadden een zienswijze ingediend en beroep ingesteld tegen het besluit van 29 oktober 2019.
De rechtbank stelde ambtshalve de vraag of eisers als belanghebbenden konden worden aangemerkt volgens artikel 1:2 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hierbij werd gekeken naar de aanwezigheid van gevolgen van enige betekenis die het persoonlijk belang van eisers zouden onderbouwen.
Gelet op de afstand van circa 500 en 700 meter tot de planlocatie, het ontbreken van zicht vanuit hun woningen, de landschappelijke inpassing, de beperkte hoogte van de panelen en het ontbreken van relevante milieugevolgen, concludeerde de rechtbank dat er geen gevolgen van enige betekenis waren. Hierdoor ontbrak het persoonlijk belang dat eisers onderscheidt van anderen.
De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en zag geen aanleiding tot een proceskostenveroordeling. Het instellen van beroep is immers voorbehouden aan belanghebbenden die rechtstreeks bij het besluit zijn betrokken.
Uitkomst: Het beroep tegen de omgevingsvergunning voor de zonneweide wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van belanghebbenden.