ECLI:NL:RBOVE:2020:677
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Smartengeldvergoeding PTSS niet verminderen met eerdere vergoeding wegens dienstongeval
Eiser, sinds 1998 werkzaam bij de politie, kreeg smartengeld toegekend voor blijvende rugklachten door een dienstongeval in 2013. Later vroeg hij smartengeld voor PTSS, erkend als beroepsziekte, maar verweerder bracht het eerder toegekende bedrag in mindering op het maximale bedrag van €164.300.
De rechtbank beoordeelde of het maximale smartengeld per aanvraag of cumulatief geldt. Verweerder stelde dat het totaal niet meer mag zijn dan het maximale bedrag, onder verwijzing naar de Regelingen smartengeld dienstongevallen politie en vergoeding beroepsziekten politie.
De rechtbank oordeelde dat de rugklachten en PTSS verschillende oorzaken en aard hebben, en dat de vermindering onterecht was. De PTSS-uitkering moet volledig worden toegekend zonder vermindering. Het beroep is gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het smartengeld voor PTSS vastgesteld op €164.300. Verweerder is veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Het smartengeld voor PTSS wordt vastgesteld op €164.300 zonder vermindering met eerder toegekend bedrag.