Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
2.De feiten
€ 1.577,79 bruto per maand exclusief 8% vakantiegeld op basis van een arbeidsduur van 22,50 uur per week. Daarnaast ontving werkneemster een toeslag voor onregelmatige diensten van gemiddeld € 287,10 per maand.
- Medewerker neemt de beslissing om niet deel te nemen aan het verkorte scholingstraject 3IG > Medewerker ontvangt de functiebeschrijving van Verzorgende en wordt ingeschaald in FWG 30
- Medewerker neemt deel aan de scholing en rond de scholing positief af >
- Medewerker start met de opleiding en kan niet voldoen aan het niveau van de opleiding ( ook niet met extra ondersteuning) > Medewerker ontvangt de functiebeschrijving van Verzorgende en wordt ingeschaald in FWG 30.
- Medewerker stopt met de opleiding en de reden van stoppen is gelegen in een tijdelijke, niet aan de medewerker verwijtbare, omstandigheid. Hierbij valt te denken aan langdurige ziekte, tijdelijk zeer problematische thuissituatie [..]tijdelijk stoppen met de scholing. In deze situatie ontvangt de medewerker wel de functie van Verzorgende en de bijbehorende inschaling in FWG 30. Daarnaast worden er afspraken gemaakt over de herstart. Indien de medewerker de scholing alsnog positief afrondt ontvangt medewerker de functie van Verzorgende 3 IG en bijpassende salaris.
ingangsdatum, functie en looptijd
aard van de arbeidsovereenkomst
3.Het geschil
€ 1.577,99 bruto per maand, vermeerderd met de vakantiebijslag en overige emolumenten en vermeerderd met de wettelijke verhoging en de wettelijke rente tot aan de dag der algehele voldoening vanaf 1 juni 2016 tot het moment waarop de arbeidsovereenkomst tussen partijen rechtsgeldig geëindigd zal zijn, en onder overlegging van deugdelijke salarisspecificaties;
€ 1.000,-- per dag;