Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam], te [woonplaats], eiser,
de korpschef van politie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
.
Rechtbank Overijssel
Eiser was werkzaam als Verkeersassistent en kreeg bij besluit van 16 december 2013 de LFNP-functie Assistent GGP A toegekend met terugwerkende kracht tot 1 januari 2012. Later, per 26 juli 2012, werd zijn functie gewijzigd naar Medewerker Tobias met de LFNP-functie Assistent Intake & Service A. Verweerder handhaafde deze besluiten na bezwaar, waarna eiser beroep instelde.
De rechtbank onderzocht de bevoegdheid van de directeur HRM om namens de korpschef te beslissen en bevestigde deze. De kern van het geschil betrof de toepassing van de transponeringstabel uit de Regeling overgang, die normaliter geldt tot 31 december 2011, maar hier ook analoog werd toegepast voor functies gewijzigd na die datum.
De rechtbank oordeelde dat de analoge toepassing van de Regeling overgang en de transponeringstabel na 1 januari 2012 gerechtvaardigd is, mede omdat politiebonden hiervan op de hoogte waren en instemden. De transponeringstabel is geen algemeen verbindend voorschrift, maar heeft wel zwaarwegende betekenis. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de matching onjuist was of onredelijk uitpakte.
De rechtbank verwierp het beroep op de hardheidsclausule en het gelijkheidsbeginsel, oordeelde dat het besluit zorgvuldig en voldoende gemotiveerd was en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser tegen de toekenning van de LFNP-functies wordt ongegrond verklaard.