Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.[eiser],
[eiseres],
Rechtbank Overijssel
Eisers huurden sinds 2001 een woning van gedaagde. De huurovereenkomst werd bij verstekvonnis van 29 oktober 2013 ontbonden en eisers werden veroordeeld tot ontruiming binnen drie dagen na betekening. Ondanks uitstel en betalingen van huur en gebruiksvergoeding door eisers, heeft gedaagde de ontruiming opnieuw aangezegd.
Eisers vorderden in kort geding staking van de executie van de ontruiming, stellende dat gedaagde misbruik maakt van zijn executierecht en dat zij gerechtvaardigd vertrouwen hadden de woning te behouden door de betalingen en uitstel. Gedaagde betwistte dit en stelde dat de betalingen een gebruiksvergoeding waren en dat hij zijn executierecht niet heeft prijsgegeven.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het vonnis kracht van gewijsde heeft en dat gedaagde een executoriale titel bezit. Er is geen sprake van een juridische of feitelijke misslag of noodtoestand die de executie onaanvaardbaar maakt. Betalingen na ontbinding zijn gebruiksvergoeding en geen voortzetting van de huurovereenkomst. Het verzoek tot staking van de executie wordt afgewezen.
Eisers worden veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat de verhuurder de ontruiming mag effectueren ondanks de omstandigheden en betalingen door de huurders.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek tot staking van de ontruiming af en bevestigt dat de verhuurder het vonnis tot ontruiming mag uitvoeren.