ECLI:NL:RBOVE:2013:CA0213
Rechtbank Overijssel
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Nietigheid van bevoegdheidsafspraak kantonrechter in samenlevingsovereenkomst wegens strijd met artikel 96 Rv
Partijen hebben circa vijftien jaar samengewoond en een samenlevingsovereenkomst gesloten waarin is bepaald dat geschillen voortvloeiend uit deze overeenkomst door de kantonrechter in eerste en hoogste instantie worden behandeld.
In een incident vordert de gedaagde dat de rechtbank zich onbevoegd verklaart en de zaak verwijst naar de kantonrechter op grond van deze afspraak. De rechtbank stelt vast dat het kantongerecht sinds 2002 is geïntegreerd in de rechtbank en dat het gaat om een vorm van prorogatie.
De rechtbank onderzoekt of artikel 96 Rv Pro toestaat dat partijen vooraf toekomstige geschillen exclusief aan de kantonrechter toewijzen. Gelet op de wetsgeschiedenis en de tekst van artikel 96 Rv Pro oordeelt de rechtbank dat dit niet het geval is. De afspraak in de samenlevingsovereenkomst is daarom nietig wegens strijd met de wettelijke regeling van de rechterlijke bevoegdheid.
De vordering tot onbevoegdverklaring wordt afgewezen, de proceskosten worden gecompenseerd en de zaak wordt verwezen naar de rol voor verdere behandeling.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de bevoegdheidsafspraak in de samenlevingsovereenkomst nietig en wijst de vordering tot onbevoegdverklaring af.