Uitspraak
RECHTBANK OVERIJSSEL
1.De procedure
- het tussenvonnis van 3 oktober 2012
- de akte van [eiseres]
- de antwoordakte van OVZ.
Rechtbank Overijssel
Eiseres vordert vergoeding van geleden en toekomstige letselschade na een ongeval dat heeft geleid tot volledige arbeidsongeschiktheid. De kern van het geschil betreft de vraag of haar gezondheidstoestand blijvend is. De rechtbank benoemde een deskundige revalidatiearts om dit te onderzoeken, maar eiseres weigerde mee te werken aan het onderzoek vanwege bezwaren over reisafstand en de duur van het onderzoek.
Ondanks herhaalde verzoeken en de mogelijkheid om een deskundige dichter bij huis aan te dragen, bleef eiseres niet meewerken. De rechtbank oordeelt dat haar bezwaren onvoldoende medisch onderbouwd zijn en dat zij redelijkerwijs medewerking had moeten verlenen. Hierdoor kon de rechtbank niet vaststellen of de arbeidsongeschiktheid blijvend is.
De rechtbank concludeert dat de toekomstige schade onvoldoende is onderbouwd en wijst deze af. Wel wordt vergoeding toegekend voor de reeds geleden schade tot 1 januari 2014, met de mogelijkheid voor eiseres om haar schadebegroting aan te vullen. Hoger beroep wordt tussentijds toegestaan.
Uitkomst: De vergoeding van toekomstige letselschade wordt afgewezen wegens gebrek aan medewerking aan deskundigenonderzoek, maar vergoeding tot 1 januari 2014 wordt toegekend.