ECLI:NL:RBONE:2013:BZ0519
Rechtbank Oost-Nederland
- Eerste aanleg - meervoudig
- G.G. Vermeulen
- M.M. Lorist
- P.L. Alers
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot terugbetaling wederrechtelijk verkregen voordeel in mensenhandelzaak
In deze ontnemingszaak vordert de officier van justitie dat de rechtbank het bedrag vaststelt waarop het wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat en veroordeelde verplicht tot betaling hiervan aan de Staat. De zaak betreft mensenhandel waarbij meerdere slachtoffers betrokken zijn. Na eerdere vrijspraak van veroordeelde voor enkele slachtoffers is het te ontnemen bedrag aangepast.
De rechtbank baseert de berekening van het wederrechtelijk verkregen voordeel op verschillende perioden waarin de slachtoffers verplicht waren geld af te dragen. Hierbij wordt rekening gehouden met een werkweek van zes dagen, afdrachtbedragen per dag en maandelijkse kosten voor huisvesting, levensonderhoud en bedrijfskosten. De rechtbank verwerpt betogen van de verdediging die hogere kosten en minderingen willen toepassen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uiteindelijk stelt de rechtbank het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op €351.205 en legt veroordeelde de verplichting op tot betaling van dit bedrag aan de Staat. De beslissing is genomen op grond van artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht en is uitgesproken door drie rechters in de meervoudige kamer voor strafzaken.
Uitkomst: Veroordeelde wordt verplicht tot betaling van €351.205 aan de Staat ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel.