ECLI:NL:RBOBR:2026:4508
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling urenbeperking en arbeidsongeschiktheid WIA-uitkering na bezwaar en beroep
Eiseres maakte bezwaar tegen het UWV-besluit dat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt zou zijn en geen WIA-uitkering meer zou ontvangen. Na bezwaar stelde het UWV het arbeidsongeschiktheidspercentage bij op 43,94%, waarna eiseres beroep instelde. De rechtbank deed een tussenuitspraak en gaf eiseres de gelegenheid haar standpunt nader te onderbouwen, waarna het UWV het percentage verhoogde naar 75,98%. Eiseres bleef het hier niet mee eens en leverde aanvullende rapportages.
De rechtbank beoordeelde de medische en arbeidskundige rapportages, waarbij de verzekeringsarts B&B een urenbeperking van 6 uur per dag en 32 uur per week aannam, gebaseerd op pijnklachten, vermoeidheid en psychische problematiek. Eiseres stelde een strengere urenbeperking van 4 uur per dag en 20 uur per week voor, maar kon dit niet medisch objectief onderbouwen.
Ook de geschiktheid van functies werd besproken; de rechtbank volgde het UWV dat de functies montagemedewerker/bestukker en medewerker KCC passend zijn ondanks de door eiseres genoemde afleidingen. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond. Tevens veroordeelde zij het UWV tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het eerste besluit is niet-ontvankelijk verklaard en het beroep tegen het tweede besluit ongegrond; geen verdergaande urenbeperking toegewezen.