ECLI:NL:RBOBR:2026:1345
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing en herziening persoonsgebonden budget wegens niet-naleving verplichtingen en onvoldoende bewijs noodzakelijkheid ondersteuning
Eiser, bekend met autisme en woonachtig in een beschermde woonomgeving, had een persoonsgebonden budget (pgb) voor ondersteuning via zijn vader en Het Venster. Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven herzag het pgb en keerde het om naar een maatwerkvoorziening in natura, omdat eiser en zijn pgb-vertegenwoordiger niet voldeden aan de pgb-verplichtingen en onvoldoende bewijs werd geleverd dat de door de vader verleende ondersteuning noodzakelijk was.
De rechtbank oordeelde dat de pgb-vertegenwoordiger betalingen had verricht aan zichzelf en de vader zonder toestemming en zonder een geldig pgb-plan, wat een schending van de pgb-verplichtingen is. Daarnaast kon niet worden vastgesteld dat de door de vader verleende ondersteuning noodzakelijk en passend was, mede doordat er geen evaluatieverslagen waren en het pgb-plan onvoldoende concreet was.
Eiser voerde aan dat de pgb-vertegenwoordiger bekwaam was, dat er sprake was van een noodsituatie, en dat het college het vertrouwensbeginsel had geschonden. Deze argumenten werden door de rechtbank verworpen. Ook het beroep op het evenredigheidsbeginsel en de hardheidsclausule faalde wegens gebrek aan onderbouwing.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde het besluit van het college tot afwijzing van de pgb-aanvraag en de herziening naar een maatwerkvoorziening in natura. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en het collegebesluit tot afwijzing van de pgb-aanvraag en herziening naar een maatwerkvoorziening in natura wordt gehandhaafd.