ECLI:NL:RBOBR:2025:7068
Rechtbank Oost-Brabant
- Tussenuitspraak
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over toepasselijkheid uitzondering consumentenkrediet bij buy now pay later
In deze civiele procedure vordert Riverty GmbH betaling van een consument die gebruikmaakte van een buy now pay later-krediet. De gedaagde partij is verstek verklaard. De rechtbank oordeelt dat het Nederlands recht van toepassing is en dat het krediet onder de consumentenbeschermende bepalingen van titel 2A van boek 7 BW valt, tenzij het onder een uitzondering valt.
De rechtbank verwijst naar het arrest van het Hof van Justitie van de EU van 17 oktober 2024 en de prejudiciële beslissing van de Hoge Raad van 27 juni 2025. Hieruit volgt dat vertragingsrente en buitengerechtelijke kosten niet mogen worden meegeteld bij de beoordeling van de uitzondering in artikel 7:58 lid 2 onder Pro e BW, tenzij de kredietgever er vanaf het begin op anticipeert dat de consument niet zal betalen.
De rechtbank wijst erop dat de kredietverstrekker in deze zaak mogelijk inkomsten genereert uit niet-betalende consumenten, wat het beroep op de uitzondering kan uitsluiten. Daarom krijgt de eisende partij de gelegenheid om onderbouwd te verklaren dat dit niet het geval is en om aan te tonen dat zij voldoet aan de eisen van de uitzondering.
Daarnaast zal de rechtbank ambtshalve toetsen of de informatieplichten en kredietwaardigheidstoets zijn nageleefd, en de eisende partij kan ook hierover een toelichting geven. De zaak wordt aangehouden tot de volgende rolzitting op 25 september 2025.
Uitkomst: De zaak wordt aangehouden en eisende partij krijgt gelegenheid om onderbouwd te verklaren over het verdienmodel en de toepassing van de uitzondering.