ECLI:NL:RBOBR:2024:485
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen boete Meststoffenwet wegens onjuiste bemonstering en administratie
Eiseres, een intermediaire onderneming met een melkveebedrijf en akkerbouwbedrijf, kreeg een bestuurlijke boete opgelegd wegens overtredingen van de Meststoffenwet in 2019, waaronder het niet juist bemonsteren van vrachten mest en het niet bijhouden van een inzichtelijke administratie.
De minister had de boete gematigd vanwege overschrijding van de redelijke termijn tussen het boeterapport en het besluit. Eiseres voerde onder meer aan dat zij dubbel werd beboet en dat de boete verder gematigd moest worden wegens het ontbreken van bewuste manipulatie.
De rechtbank oordeelde dat de overtredingen terecht zijn vastgesteld, dat er geen sprake is van dubbele beboeting omdat verschillende wettelijke voorschriften zijn overtreden, en dat de minister het boetebeleid correct heeft toegepast. Ook is de overschrijding van de redelijke termijn beperkt en reeds in de boete verwerkt.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond, handhaaft de boete van €6.030 en wijst zij het verzoek tot terugbetaling van griffierecht en proceskosten af.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete van €6.030 wegens overtredingen van de Meststoffenwet wordt ongegrond verklaard en de boete wordt gehandhaafd.