Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 14 september 2022 in de zaak tussen
Stichting Signi Zoekhonden, uit De Rips, eiseres,
de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, de minister,
Inleiding
Totstandkoming van het besluit
Korte omschrijving overtreding
Bij degene bij wie vrijwilligers werkzaam zijn voor het verrichten van duikarbeid was nabij de plaats van arbeid geen deugdelijke schriftelijke werkinstructie aanwezig die ten minste de door de werknemers te treffen veiligheidsvoorzieningen alsmede noodprocedures bevat. Tevens waren deze vrijwilligers;
- niet voorzien van een arbeidsgezondheidskundig onderzoek dat gericht was op de bijzondere gevaren voor de gezondheid waaraan bij de uitoefening van die arbeid kunnen blootstaan;
- niet bijgestaan door een reserveduiker en een duikploegleider tijdens het uitvoeren van de duikarbeid;
- niet in het bezit van een certificaat duikarbeid met betrekking tot de arbeid die zij verrichten;
- niet in het bezit van een certificaat duikmedische begeleiding met betrekking tot de soort arbeid die hij verricht;
Overtreding van
Artikel 9.5a eerste lid onder e van het Arbeidsomstandighedenbesluit
- Artikel 6.14a, eerste lid onder a, van het Arbeidsomstandighedenbesluit
- Artikel 6.15, eerste lid onder a, van het Arbeidsomstandighedenbesluit,
- Artikel 6.15, eerste lid onder c, van het Arbeidsomstandighedenbesluit, juncto artikel 6.16 zevende lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit,
- Artikel 6.16 eerste lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit,
- Artikel 6.16 zesde lid, van het Arbeidsomstandighedenbesluit,
- een boete van €9.000 op te leggen voor de overtreding van artikel 16, tiende lid Arbeidsomstandighedenwet juncto artikel 6.16, eerste lid van de Arbeidsomstandighedenbesluit
- een boete van €1.500 euro op te leggen voor de overtreding van artikel 16, tiende lid Arbeidsomstandighedenwet juncto artikel 6.16 zesde lid van de Arbeidsomstandighedenbesluit (
- een boete van €1.500 euro op te leggen voor de overtreding van artikel 16, tiende lid Arbeidsomstandighedenwet juncto 6.16, zevende lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit
12 oktober 2020 haar reactie gegeven.
- een boete van €3.600 is opgelegd voor de overtreding van artikel 16, tiende lid Arbeidsomstandighedenwet juncto artikel 6.16, eerste lid van de Arbeidsomstandighedenbesluit (
- een boete van €600 euro is opgelegd voor de overtreding van artikel 16, tiende lid Arbeidsomstandighedenwet juncto artikel 6.16 zesde lid van de Arbeidsomstandighedenbesluit
- een boete van €600 euro is opgelegd voor de overtreding van artikel 16, tiende lid Arbeidsomstandighedenwet juncto 6.16, zevende lid van het Arbeidsomstandighedenbesluit
Beoordeling door de rechtbank
.Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
31 december 2019 over een eigen vermogen beschikte van € 49.723,-. Daaruit leidt de minister af dat eiseres voldoende eigen vermogen heeft om de boete te betalen. Dit wordt volgens de minister bevestigd in het feit dat de boete op 7 februari 2021 volledig is betaald. De minister erkent het belang van het werk van eiseres, maar heeft ook de veiligheid van alle duikers in Nederland te behartigen. Daarom ziet de minister niet af van het opleggen van de boetes en worden de boetes niet gematigd.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt het besluit van 11 mei 2021 voor zover het de hoogte van de boete betreft;
- herroept het primaire besluit in zoverre en bepaalt dat de bestuurlijke boete wordt
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats komt van het vernietigde gedeelte van het besluit;
- bepaalt dat de minister het griffierecht van € 360,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt de minister tot betaling van € 2.600,- aan proceskosten aan eiseres.
14 september 2022.