Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.[gedaagde sub 1] ,
MR. P.R. DEKKER q.q.
1.Inleiding en korte samenvatting
2.Het verloop van de procedure
op 3 januari 2018 vonnis gewezen. Daartegen is hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof.
- de akte van de vereffenaar van 12 mei 2021 met bijlagen
- de akte tot wijziging van eis, tevens houdende eisvermindering van [eiser]
- de akte wijziging processtandpunt van de vereffenaar van 8 december 2021.
3.De feiten
4.Het geschil
1.Primair (ten aanzien van vordering 1.)
de onverplichte (integrale) aflossingop of omstreeks 18 maart 2016 van de vordering van [gedaagde sub 1] op moeder uit hoofde van de nalatenschap van vader, middels
het separeren / deponeren, overmaken / overdragen / bijschrijven van gelden en/of effecten bestemd ter aflossing van de Geldvorderingvan [eiser] op moeder, op bankrekeningen en effectendepots op naam van [gedaagde sub 1] ('
inzake [eiser]'), in ieder geval bestaande uit:
- de overboeking(en) van moeder naar de vermogensspaarrekening van [gedaagde sub 1] bij ABN Amro bank met nummer [bankrekeningnummer] , saldo per 31-12-2016 volgens opgave EUR 100.205,29;
- de overboeking(en) van moeder naar de beleggersspaarrekening van [gedaagde sub 1] bij ABN Amro bank met nummer [bankrekeningnummer] , saldo per 31-12-2016 volgens opgave EUR 344,88;
- de overdracht / overboeking(en) / bijschrijving van de effecten van moeder naar het effectendepot bij ABN Amro bank met nummer [bankrekeningnummer] , waarde per 31-12-2016 volgens opgave van EUR 503.188,01;
- alle overige overboekingen van gelden en/of effecten die nog van moeder op deze bankrekeningen en/of effectenportefeuilles van [gedaagde sub 1] hebben plaatsgevonden.
danweleen vertegenwoordiger aan te wijzen die de handelingen (het overboeken c.q. wijziging tenaamstelling en/of het verlenen van inzage c.q. verstrekken van afschriften) zal verrichten namens [gedaagde sub 1] en uit kracht van het vonnis van de rechtbank, voor het geval [gedaagde sub 1] niet binnen 5 werkdagen na dagtekening van het vonnis uitvoering heeft gegeven aan de overboeking van de gelden, geldswaarden en effecten op de "inzake [eiser] -rekeningen" c.q. de wijziging van de tenaamstelling van de "inzake [eiser] -rekeningen" op naam van eiser en/of het verlenen van inzage en verstrekken van afschrift van alle bankafschriften en mutaties op de in de dagvaarding gespecificeerde "inzake [eiser] -rekeningen".
11.Primair (ten aanzien van vordering 11.)
nakostentot een bedrag van EUR 131,00 indien gedaagden aangeschreven dienen te worden tot betaling van hetgeen waartoe zij in het te deze te wijzen vonnis wordt veroordeeld maar er geen betekening van de uitspraak plaatsvindt, dan wel een bedrag van EUR 199,00 indien er wel betekening van de uitspraak plaats vindt.
5.De beoordeling
Eindtotaalaflossing
De tegoeden zijn wel degelijk aan eiser vrijgegeven maar eiser heeft geweigerd daarvoor de toegevoegd executeur te kwiteren”) en 136 (“
Eiser is echter nalatig in het kwiteren van moeder en kan vanuit zijn situatie niet tegenwerpen dat zijn vordering niet is voldaan”). Ook tijdens de zitting is verklaard dat [eiser] de aanvaarding heeft geweigerd.
In geval van benadeling door een rechtshandeling om niet, die de schuldenaar heeft verricht binnen één jaar vóór het inroepen van de vernietigingsgrond, wordt vermoed dat hij wist of behoorde te weten dat benadeling van een of meer schuldeisers het gevolg van de rechtshandeling zou zijn.”
6.De beslissing
15 juni 2022voor het nemen van een akte door [eiser] over hetgeen is vermeld onder r.o. 5.36, waarna [gedaagde sub 1] en de vereffenaar op de rol van vier weken daarna een antwoordakte kunnen nemen,