Uitspraak
2.De vaststaande feiten
3.De vordering en het verweer
4.De beoordeling
€ 0,00
Rechtbank Oost-Brabant
De zaak betreft een geschil tussen Budget Support B.V., als bewindvoerder van een letselschadeslachtoffer, en de belangenbehartiger [gedaagde]. De kern van het geschil is de geldigheid van een overeenkomst uit 2013 waarin een succesfee van 25% plus BTW werd afgesproken naast vergoeding van buitengerechtelijke kosten, die ook door de verzekeraar werden betaald.
Budget Support stelde dat de overeenkomst nietig is omdat het slachtoffer onder bewind stond en de belangenbehartiger dubbel declareerde, wat in strijd is met de goede zeden. De belangenbehartiger betwistte dit en stelde dat de overeenkomst rechtsgeldig is en de declaratiepraktijk niet onzedelijk.
De rechtbank oordeelde dat de onderbewindstelling niet aan de belangenbehartiger kon worden tegengeworpen omdat deze daarvan niet op de hoogte was. Wel werd geoordeeld dat het dubbel declareren in de gegeven omstandigheden onzedelijk is, omdat de aansprakelijkheid reeds erkend was en de belangenbehartiger geen reële risico-inschatting had gemaakt. Artikel 6 van Pro de overeenkomst werd daarom nietig verklaard. Het beroep op rechtsverwerking faalde. De vordering van de belangenbehartiger tot betaling van de succesfee werd afgewezen en beide partijen werden in proceskosten veroordeeld.
Uitkomst: Artikel 6 van de overeenkomst is nietig wegens strijd met de goede zeden en de vordering tot betaling van de succesfee wordt afgewezen.