Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
1.De procedure
- de dagvaarding van 16 april 2021 met 6 producties, in persoon betekend om 8:36 uur
- de e-mail van mr. De Vries van 16 april 2021 met 2 producties
- de brief van mr. De Vries van 16 april 2021 met bezwaar tegen behandeling van het kort geding op 16 april 2021 en het verzoek om de mondelinge behandeling te verplaatsen naar een latere datum
- de telefonische afwijzing van het verzoek van mr. De Vries door de voorzieningenrechter
- de mondelinge behandeling via Skype op 16 april 2021 om 14:00 uur
- de pleitnota van mr. De Vries tevens houdende eis in reconventie.
2.De feiten
3.Het geschil in conventie
- de zorg- en contactregeling voor de door van zes manden te schorsen;
- primair de man te verbieden fysiek contact te zoeken met de kinderen en subsidiair om zich te begeven op de schoolpleinen van de scholen van de kinderen en in de straat waar de vrouw woont;
- aan de man een dwangsom op te leggen van € 1.000,-- per dag/dagdeel dat hij in strijd handelt met dit vonnis met een maximum van € 20.000,-- en met machtiging om de sterke arm in te schakelen als de man niet vertrekt nadat hij door derden is aangesproken;
- de verplichting van de vrouw tot betaling van kinderalimentatie aan de man te schorsen voor zes maanden.