ECLI:NL:RBOBR:2020:2577
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering omgevingsvergunning milieu geiten- en rundveehouderij wegens vereiste milieueffectrapportage
Eisers vroegen een omgevingsvergunning voor wijziging van hun geiten- en rundveehouderij. Verweerder weigerde de vergunning omdat een milieueffectrapport moest worden opgesteld vanwege mogelijke gezondheidsrisico's voor omwonenden. Eisers stelden dat de gewijzigde aanvraag geen nieuwe aanvraag was en dat er geen causaal verband is tussen de geitenhouderij en longontstekingen.
De rechtbank oordeelde dat de gewijzigde aanvraag zodanig was veranderd dat het als een nieuwe aanvraag moest worden beschouwd en dat eisers hierdoor niet in hun belangen waren geschaad. Verweerder had een wettelijke grondslag voor weigering op basis van het voorzorgsbeginsel en het risico op volksgezondheidsproblemen, onderbouwd met GGD-adviezen en onderzoeksrapporten.
De rechtbank stelde dat het niet noodzakelijk is om in het milieueffectrapport het verband tussen geitenhouderijen en longontstekingen te bewijzen, maar dat uitgaande van dat verband onderzocht kan worden welke maatregelen het risico beperken. Eisers konden onvoldoende aantonen dat verweerder zijn bevoegdheid misbruikte of dat het risico door voorschriften afdoende kon worden beperkt.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de weigering van de omgevingsvergunning bevestigd. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de rechtbank Oost-Brabant op 11 mei 2020.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van de omgevingsvergunning milieu wordt ongegrond verklaard.