Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 15 januari 2020 in de zaak tussen
Procesverloop
Overwegingen
a. het bestuursorgaan in gebreke is tijdig een besluit te nemen, en
b. twee weken zijn verstreken na de dag waarop belanghebbende het bestuursorgaan schriftelijk heeft medegedeeld dat het in gebreke is.
2 december 2019 heeft eiseres medegedeeld dat de beroepsprocedure zich nog beperkt tot de vaststelling van de verbeurde dwangsom en het verzoek om verweerder te veroordelen in de proceskosten.
1 april 2019 heeft stilgelegen totdat op 26 juni 2019 een ‘’voornemen last onder dwangsom’’ aan de overtreder is verzonden. Daarbij is de periode van vier maanden ook niet door verweerder nader onderbouwd.
Beslissing
- verklaart het beroep gegrond;
- stelt de door verweerder verbeurde dwangsom vast op € 742,00;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 345,00 aan eiser te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eiser tot een bedrag van € 262,50.
M. Verbeek, griffier. De uitspraak is in het openbaar geschied op 15 januari 2020.