Uitspraak
- [verdachte] ;
- [medeverdachte 2] ;
- [medeverdachte 1] ;
- [slachtoffer] .
[instantie]] en gezegd dat het die [persoon] was. [7]
(namelijk: wanneer het slachtoffer is overleden, waar hij is overleden, waarmee hij is gedood en door wie)geven naar het oordeel van de rechtbank geen aanleiding tot een afzonderlijke bespreking daarvan. Zij vinden hun weerlegging in voornoemde uitgewerkte bewijsmiddelen.
wordtvolledig verklaard door verwikkelingen van een ernstig schedeltrauma. Verdachte heeft samen met [verdachte] het (levenloze) lichaam van [slachtoffer] , op een zeil, naar de waterkant gesleept en het lichaam in het water gegooid. Verdachte verklaart dat hij zeker weet dat [slachtoffer] op dat moment al was overleden nu hij eerst zijn hartslag heeft gecontroleerd. Ook [medeverdachte 2] verklaart dat hij voelde dat [slachtoffer] geen hartslag meer had en hij steeds kouder werd op het moment dat hij op het zeil lag alvorens hij in het water terechtkwam.