Uitspraak
[belanghebbende] ,
[belanghebbende 2] ,
indien de echtgenoot, geregistreerde partner of andere
De voorwaarde die artikel 1:227 lid2 BW aan de duur
Rechtbank Oost-Brabant
De zaak betreft een verzoek van de duovader om partneradoptie van een minderjarige die zes jaar bij hem is opgegroeid, waarbij de familierechtelijke betrekkingen met de biologische vader in stand zouden blijven. De rechtbank stelt vast dat de duovader en de biologische vader niet meer samenleven en niet voldoen aan de wettelijke voorwaarden van artikel 1:227 lid 2 en Pro artikel 1:228 lid 1 sub f BW Pro.
De rechtbank overweegt dat de uitzondering op het samenlevingsvereiste alleen geldt indien het kind binnen de relatie van de adoptant en diens moeder is geboren, wat hier niet het geval is. Het beroep op artikel 8 EVRM Pro wordt verworpen omdat dit geen recht op adoptie inhoudt. Ook het subsidiaire verzoek tot eenouderadoptie wordt afgewezen omdat de duovader niet kwalificeert als 'andere levensgezel' van de biologische vader.
De rechtbank benadrukt dat het belang van de minderjarige is gewaarborgd door de wettelijke regeling en dat het verzoek niet kan worden toegewezen zonder wetswijziging. De biologische vader en draagmoeder steunen het verzoek, maar dit is onvoldoende om de wettelijke voorwaarden te omzeilen.
De rechtbank wijst het verzoek tot adoptie af en bevestigt dat de juridische situatie niet kan worden aangepast aan de feitelijke situatie zonder dat aan de wettelijke vereisten wordt voldaan.
Uitkomst: Het verzoek tot partneradoptie door de duovader wordt afgewezen wegens niet voldoen aan de wettelijke samenlevingsvereisten.