ECLI:NL:RBOBR:2016:5036
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling opzettelijke brandstichting met levensgevaar in appartementencomplex Helmond
Op 15 maart 2016 stichtte verdachte brand in zijn benedenwoning in een appartementencomplex te Helmond door gordijnen met spiritus in brand te steken. De brand veroorzaakte rookontwikkeling die levensgevaar of zwaar lichamelijk letsel voor bewoners van naastgelegen en bovengelegen appartementen opleverde.
De rechtbank oordeelde dat het bewezen was dat verdachte opzettelijk brand heeft gesticht waarbij levensgevaar en gemeen gevaar voor goederen bestond. Verdachte erkende de brandstichting en de aanwezigheid van circa twintig personen in het complex op het moment van de brand.
Psychiatrisch onderzoek toonde aan dat verdachte leed aan meerdere stoornissen en verminderd toerekeningsvatbaar was. De rechtbank legde een gevangenisstraf van 8 maanden op, lager dan de eis van 1 jaar, en een maatregel van terbeschikkingstelling met voorwaarden, waaronder klinische opname in een forensisch psychiatrische instelling, gericht op behandeling en beperking van recidiverisico.
De voorwaarden omvatten onder meer meldplicht bij de reclassering, verbod op drugsgebruik, naleving van alcoholrichtlijnen, medewerking aan behandeling en toezicht, en beperkingen op verblijf en verplaatsing. De maatregel is opgelegd ter bescherming van de maatschappij en ter bevordering van de rehabilitatie van verdachte.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 8 maanden gevangenisstraf met aftrek van voorarrest en terbeschikkingstelling met voorwaarden inclusief klinische opname.