Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verdachte],
De tenlastelegging.
De formele voorvragen.
De bewezenverklaring.
Bewijsoverweging.
- het gaat om een handelen of nalaten van iemand die uit hoofde van een dienstbetrekking hetzij uit anderen hoofde werkzaam is ten behoeve van de rechtspersoon;
- de gedraging past in de normale bedrijfsvoering van de rechtspersoon;
- de gedraging is de rechtspersoon dienstig geweest in het door hem uitgeoefende bedrijf;
- de rechtspersoon vermocht erover te beschikken of de gedraging al dan niet zou plaatsvinden en zodanig of vergelijkbaar gedrag werd blijkens de feitelijke gang van zaken door de rechtspersoon aanvaard of placht te worden aanvaard.
De kwalificatie.
De strafbaarheid.
Toepasselijke wetsartikelen.
De overwegingen die tot de beslissing hebben geleid
De eis van de officier van justitie.
De op te leggen straf(fen) en/of maatregel(en).
- de ernst van het door verdachte gepleegde strafbare feit in verhouding tot andere strafbare feiten, zoals tot uitdrukking komt in het wettelijk strafmaximum en in de straffen die voor soortgelijke feiten worden opgelegd;
- verdachte werd eerder voor soortgelijke feiten veroordeeld en heeft daarnaast gedurende vele jaren de nodige transacties voor soortgelijke feiten betaald.