ECLI:NL:RBOBR:2013:BZ4408
Rechtbank Oost-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing regresvorderingen verzekeraar na arbeidsongeval door onvoldoende feitelijke onderbouwing
Een werknemer van een onderaannemer is tijdens werkzaamheden in de fabriek van de opdrachtgever door een gat in de vloer gevallen, dat slechts met losse planken was afgedekt. De verzekeraar van de opdrachtgever erkende aansprakelijkheid en betaalde schadevergoedingen aan het slachtoffer. Vervolgens trachtte de verzekeraar regres te nemen op de onderaannemer, de aannemer, de werkgever van een ingeleende monteur en het ziekenhuis waar een medische fout werd gemaakt.
De rechtbank beoordeelde de vorderingen afzonderlijk. De aansprakelijkheid van de werkgevers en inlener werd betwist en onvoldoende feitelijk onderbouwd door de verzekeraar. Ook de medische aansprakelijkheid van het ziekenhuis werd afgewezen omdat de verzekeraar geen voldoende bewijs leverde van de gestelde medische fouten en de gevolgen daarvan.
De rechtbank oordeelde dat de zorgplicht van werkgevers niet leidt tot een absolute waarborg tegen ongevallen en dat de verzekeraar onvoldoende feiten en omstandigheden had gesteld om de aansprakelijkheid van de gedaagden aannemelijk te maken. De regresvorderingen werden daarom afgewezen en de verzekeraar werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De regresvorderingen van de verzekeraar worden afgewezen wegens onvoldoende feitelijke onderbouwing en de verzekeraar wordt veroordeeld in de proceskosten.