ECLI:NL:RBOBR:2013:BY9052
Rechtbank Oost-Brabant
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Gemeenten schenden aanbestedingsbeginselen bij rioolreiniging en -inspectie
In deze kort gedingprocedure vorderen eiseressen dat de gemeenten hun voorlopige gunningsbeslissing intrekken en de aanbesteding voor rioolreiniging en -inspectie staken vanwege schending van aanbestedingsbeginselen.
De rechtbank stelt vast dat essentiële informatie over de vervuilingsgraad, locatie en aard van de vervuiling van het riool ontbreekt in het bestek, waardoor inschrijvers geen reële prijsaanbieding kunnen doen. De gemeenten hanteren een afrekenmethodiek die uitgaat van een prijs per ton afgevoerd vuil, maar deze methode houdt onvoldoende rekening met variabele reinigingskosten afhankelijk van vervuilingsgraad en locatie.
Hierdoor ontstaat een oneerlijke situatie waarbij zittende aannemers met voorkennis bevoordeeld worden, wat strijdig is met het gelijkheidsbeginsel. De rechtbank oordeelt dat de gemeenten de beginselen van gelijke behandeling, transparantie en zorgvuldigheid hebben geschonden en beveelt een heraanbesteding in overeenstemming met deze beginselen.
De gemeenten worden veroordeeld de voorlopige gunningsbeslissing binnen vijf dagen in te trekken, de opdracht niet definitief te gunnen en binnen drie maanden een nieuwe aanbesteding te organiseren. Tevens worden zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gemeenten moeten voorlopige gunningsbeslissing intrekken en heraanbesteding organiseren wegens schending aanbestedingsbeginselen.