Uitspraak
RECHTBANK OOST-BRABANT
[verzoekers] te [woonplaats], verzoekers,
het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre, verweerder,
mr. L.A. Hoegee),
Woonstichting 'thuis'te Veldhoven, (gemachtigde: mr. W.J. Aardema).
Procesverloop
Overwegingen
30 mei 2013 met zaaknummer 201302666/2/R3 heeft de voorzitter van de ABRS het door de andere bewoners ingestelde verzoek om voorlopige voorziening afgewezen, waarna het bestemmingsplan in werking is getreden.
29 november 2005 ingetrokken.
13 november 2007 gesteld dat verweerder op 30 oktober 2006 nog heeft aangegeven bereid te zijn om bewoning van de loods te gedogen. Verzoekers hebben er verder nog op gewezen dat diverse ambtenaren in de loop der jaren controles hebben uitgevoerd op het woonwagencentrum en toezeggingen hebben gedaan. Dit blijkt volgens verzoekers uit een schriftelijke verklaring van de heer [persoon A]. Ter zitting hebben zij nog vermeld dat de gemeente Waalre in 2006 borg heeft gestaan voor een lening bij de Rabobank van
€ 100.000,-, waarmee zij de loods tot bedrijfsruimte konden inrichten. Verzoekers hebben in dit verband gewezen op een brief van 7 november 2005 van [persoon A]. Volgens verzoekers heeft verweerder hen vanaf het moment van de terinzagelegging van een voorontwerpbestemmingsplan in juni 2006 tot aan 2011 in de waan gelaten dat de situatie in een nieuw bestemmingsplan zou worden gelegaliseerd. Verzoekers zijn verder nog van mening dat verweerder hun beroep op het vertrouwensbeginsel in het bestreden besluit niet deugdelijk heeft weerlegd, door hierin te verwijzen naar een tweetal uitspraken waarin geen sprake was van toezeggingen van de gemeente, geen rechtsmiddelen waren ingesteld tegen het bestemmingsplan of waarin slechts sprake was van een gestelde mondelinge toezegging van een wethouder, die niet aannemelijk was gemaakt.
Beslissing
11 oktober 2013.